Sprookje Het dorpje kortzicht
"Ik heb besloten dat ik de burgemeester word" blafte het oude en zeer chagrijnige mannetje Wildhaar, dat in de hoogste flat van Kortzicht woonde. Zijn appartement bevond zich achter geblindeerde ramen en voor de voordeur stonden twee kleerkasten.
De andere bewoners van het kleine maar gezellige dorp keken bedenkelijk en probeerden hem met een glaasje koeienmelk en een mariabiscuitje tot andere gedachten en een normaal gesprek te verleiden. Maar Wildhaar die de laatste jaren alleen maar heen en weer pendelde tussen het gemeentehuis en zijn torentje was immuun voor al die redelijkheid en stuurde tussendoor meerdere berichten de wereld in. Die gingen dan over, hoe graag hij de baas wilde zijn en dat als je geen huis kon vinden in Kortzicht dat de schuld was van de mensen die niet hier vandaan kwamen.
"Wat een hork" mompelden de andere bewoners die aanwezig waren op de vergadering.
"Maar, hoe anders hij ook is, collega Wildhaar hoort er ook bij" liet mevrouw Blik weten, en de heer Stoffer viel haar bij. "Zo heeft God het gewild en we zullen voor hem blijven bidden" besloten ze samen. Waar bij in dit statement toch iets doorklonk van een ziel die eigenlijk al was opgegeven.
Lientje van nummer 67, vond dat Wildhaar eens op moest houden met zijn gezeur daar hadden de boeren, van wiens koeien, Wildhaar zojuist een groot glas melk naar binnen had zitten werken, niks aan. De boeren in Kortzicht hadden het zwaar, want iedereen was tegen hen. Ze kregen overal de schuld van. Vond zij. Wildhaar liep altijd weg voor alle problemen. Volgens de rechterhand van Lientje, Moontje was Wildhaar een toetsenbordridder. Aanpakken moest je, als je iets wilde. Ter demonstratie vertrok Moontje naar de dichtstbijzijnde supermarkt om tupperware te verkopen en klom Lientje op haar tractor om dat ze nog wat mest uit moest rijden voordat iemand er iets van zou zeggen.
Bij de poort van Kortzicht stonden inderdaad wat activisten, aangevoerd door de meisjes Esther en Christine. "Minder koeien, minder mest, meer insecten en wat een lelijk vest" stond er op één van de spandoeken. Lientje keek naar haar blauwwitte outfit, drappeerde haar gele sjaal er opzichtig over heen en raakte op één haar na de twee activisten. "Vreselijk" gromde ze "staan ze weer in de weg" ik ga een gebiedsverbod voor ze aanvragen.
Intussen waren Stoffer en Blik in gesprek met dominee Toverbal over de kwestie Wildhaar en waarom hij zich maar steeds verschool in die torenflat maar wel allerlei boodschappen de wereld in stuurde. "Het is niet verbindend" zei mevrouw Blik en ze keek er zorgelijk bij. "Maar hij heeft wel een punt" zei meneer Stoffer. "Onzin" zei meneer van Balen, hij komt toch zelf oorspronkelijk ook niet uit Kortzicht. Zijn oma komt van buiten het dorp, maar daar hoor je Wildhaar niet over.
Intussen was mevrouw Griezelbus ook gearriveerd. "Ik ga niet meer met die Wildhaar samenwerken" liet ze weten "Laat daar geen misverstand over bestaan. "Maar ook niet met Timmerman Frans" besloot ze.
De heer Naarbed schoof op dat moment zijn adjudante naar voren, een sluwe vos die gelijk van de gelegenheid gebruik maakte om een groep te laten verbieden die waarschijnlijk bij de aanhang van de timmerman hoorde. " en hij is het ergst" wees ze naar de Timmerman, zoals Naarbed haar influisterde. Waarna de laatste naar huis ging om nog wat kinderen bij zijn vrouw te maken.
De Timmerman keek met grote ogen naar al die hatelijkheid. Hij wilde alleen maar huizen bouwen en had de rijken gevraagd om daar aan mee te betalen maar dat vonden vooral Griezelbus, Joost Aardpeer, Lientje en de sluwe vos een héél gevaarlijke uitspraak.
"WIj gaan ook niet meer met Wildhaar samenwerken" zei Eddy, die op de hei woonde. "Jij moet je er buiten houden" beet Griezelbus hem toe, jij loopt ook voor alle problemen weg." Waarop de lange Joost Aardpeer knikte en aan mevrouw Griezelbus vroeg " mag ik dan met jou?"
Rob met de verschillende petten liet weten dat ondanks dat iemand zijn clubhuis vernield had, hij toch bleef geloven in een goeie samenwerking. Ook Laurens met de paarse das en Rooie Jimmy deden hun best om gehoord te worden. Maar door al het gekakel kwam niemand er meer boven uit en merkten ze niet dat het gemeentehuis bestormd werd door een boze menigte mensen met vlaggen waar hakenkruizen op stonden en die de vreselijkste dingen riepen over andere mensen die niet uit Kortzicht kwam. Inmiddels was Wildhaar weer in zijn goed afgeschermde torenkamer van waaruit hij , naar het hysterische volk beneden keek en hij liep weer naar zijn toetsenbord. "Ik word de nieuwe burgemeester van Kortzicht" typte hij.
Esther en Christine die net terug kwamen van een demonstratie, bekogelden de menigte met hun laatste watermeloenen waardoor de politie moest uitrukken met een waterkanon en de complete aanhang van de beide meisjes van het asfalt werd gespoten.
Mevrouw Griezelbus keek er tevreden naar met haar armen over elkaar. "Kutwijf" gilde één van de vriendjes van Griezelbus nog snel even naar Esther.
"Doe dat nou niet" lieten Rob met de verschillende petten en Laurens met de paarse das weten. We moeten blijven praten met elkaar, in gesprek blijven en dat deden ze dan ook, vaak en veel met elkaar praten. En ondertussen werden de mensen bozer en was er nog steeds geen burgemeester gekozen.
Ondertussen deelde Lientje glazen melk uit aan de boze menigte die Wildhaar met zijn digitale boodschappen had opgetrommeld. "Ik zorg er persoonlijk voor dat er geen enkele vreemde nog in Kortzicht komt" liet ze de relschoppers weten. Dominee Toverbal vroeg intussen op X aan de heer Wildhaar of hij ook vond dat er meer chatgroepen op internet verboden moesten worden.
"Ik kom ook niet meer naar het gemeentehuis om te praten" liet Wildhaar weten . Ik word bedreigd en iedereen wil me dood. "Welkom bij de club" lieten de anderen weten. Maar WiIdhaar bleef volhouden dat hij toch wel het meeste medelijden verdiende.
Rest nog de vraag:
Als jij mocht kiezen, wie zou dan van jou de burgemeester mogen worden?
,
Reacties
Een reactie posten